Duizeligheid

Wat is duizeligheid?

In het algemeen wordt onder duizeligheid verstaan het gevoel dat beleefd wordt als de relatie tot de ruimtelijke omgeving verstoord is. De sensatie die men ervaart kan nogal verschillen. Het kan gaan om draaierigheid, zweverigheid, het gevoel alsof de wereld om u heen draait of het idee dat u zelf rond tolt. Hierbij kan desoriëntatie voorkomen en het gevoel om te vallen. Verder kunnen er bijkomende verschijnselen zijn, zoals angst, transpireren, misselijkheid en braken.

Hoe werkt het evenwichtssysteem?

Normaal gesproken krijgt ieder mens voortdurend informatie over de ruimte om zich heen en over de positie van het lichaam. Die informatie is afkomstig van de volgende deelsystemen:

  • Het evenwichtsorgaan
  • De ogen
  • Het gevoel in de spieren en pezen, vooral uit de voetzolen, de benen en de nek. Als verkeerde of nog niet bekende signalen binnenkomen, ontstaat het gevoel van duizeligheid. Duizeligheid is in feite de ervaring van een gevoel.

Oorzaken van duizeligheid

Elke stoornis op één van de plaatsen van het evenwichtssysteem kan duizeligheid en/of evenwichtsklachten veroorzaken.

1.Vooral een acute aandoening van het evenwichtsorgaan leidt tot heftige draaiduizeligheid met misselijkheid en braken. Vaak ziet men de omgeving draaien. De klachten kunnen minuten tot uren duren, waarna spontaan herstel optreedt. De bekendste oorzaken van een acute aanval van draaiduizeligheid zijn:

  • Ontsteking van het evenwichtsorgaan. Meestal gaat het om een virale ontsteking in aansluiting op een griepperiode.
  • De ziekte van Ménière.
  • Een aanval van migraine (waarbij de duizeligheid vaak gepaard gaat met hoofdpijn).
  • Doorbloedingsstoornis of bloeding in evenwichtsorgaan en/of (kleine) hersenen
  1. Men spreekt van benigne paroxysmale positieduizeligheid (BPPD) bij draaiduizeligheid die seconden duurt en optreedt bij bepaalde bewegingen (bukken, omhoog kijken, omdraaien in bed, gaan liggen in bed).
  2. Een daling van de bloeddruk bij overeind komen kan leiden tot een licht gevoel in het hoofd bij opstaan of langdurig staan. Dit fenomeen noemt men orthostatische hypotensie en kan soms een bijwerking van medicatie zijn.
  3. Duizeligheid ontstaat ook bij een laag bloedsuikergehalte of vergiftigingen (bijvoorbeeld door alcohol of medicijngebruik).
  4. Angst (al dan niet in combinatie met hyperventilatie) en depressie kunnen ook leiden tot duizeligheidsklachten. Meestal betreft het dan een licht, zweverig gevoel en geen draaiduizeligheid.

Onderzoek

Veruit het belangrijkste deel van het onderzoek is uw eigen verhaal. Op grond daarvan kan vaak al vermoed worden wat de oorzaak van de duizeligheid (geweest) is en welk onderzoek eventueel nog verricht moet worden. In uw verhaal wordt gelet op onder andere de volgende aspecten:

  • Om wat voor duizeligheid gaat het? Draait de omgeving? Heeft u het gevoel om te vallen? Voelt u zich licht in het hoofd?
  • Wat is het verloop in de tijd? Ontstonden de klachten geleidelijk of acuut? Hoe lang duurden de klachten? Is de duizeligheid continu aanwezig?
  • Zijn er omstandigheden waardoor de klachten optreden of verergeren? Worden de klachten bijvoorbeeld uitgelokt door hoofdbewegingen? Doen ze zich voor bij omdraaien in bed, bij rechtop gaan staan, tijdens lopen of in drukke winkels?

Vanzelfsprekend informeert uw arts ook naar uw algemene gezondheid en medicijngebruik. Het lukt niet altijd om bij het eerste bezoek aan de KNO-arts alles ter sprake te laten komen, dan is een tweede bezoek nodig, eventueel in combinatie met aanvullend onderzoek. Het algemene onderzoek, dat mogelijk al door de huisarts is verricht, kan bestaan uit inspectie van de oren, beoordeling van oogbewegingen, houding en evenwicht, meting van hartslag en bloeddruk, en bloedonderzoek. Zonodig kan dit worden gevolgd door aanvullend onderzoek in de vorm van een hoortest en gespecialiseerd onderzoek van het evenwichtsorgaan. In enkele gevallen is beeldvormend onderzoek (CT-scan of MRI-scan) nodig. Aan de hand van uw verhaal en de resultaten van het aanvullend onderzoek lukt het meestal stap voor stap de oorzaak van de duizeligheid op te sporen.

Behandeling

Grofweg zijn de volgende behandelingen mogelijk:

  • Medicijnen voorgeschreven door uw huisarts of KNO-arts. Bij een acute aanval van draaiduizeligheid kunnen de duizeligheidsklachten en misselijkheid worden bestreden met medicijnen. Bij sommige aandoeningen (zoals de ziekte van Ménière en migraine) is onderhoudsmedicatie zinvol, met als doel nieuwe aanvallen te voorkomen.
  • Repositiemanoeuvres. kortdurende bewegingsafhankelijke duizeligheid (BPPD) kan goed worden behandeld met manoeuvres waarbij de losliggende ‘steentjes’ worden ‘gereponeerd’ (teruggebracht) naar de plek in het evenwichtsorgaan waar ze oorspronkelijk vandaan komen.
  • Bij balans- en evenwichtsklachtenklachten die het gevolg zijn van beschadiging van het evenwichtsorgaan kan fysiotherapie mechanismen bevorderen die het herstel compenseren.
  • Chirurgie. Heel soms kan met name bij de ziekte van Ménière operatief ingrijpen zinvol zijn.

Bron: http://www.duizeligheidscentrum.nl/

Show Buttons
Hide Buttons